FEJS, een organisatie voor en door journalisten in wording.

FEJS

Forum for European Journalism Students (FEJS) is een internationale organisatie met het doel contacten te creëren en informatie uit te wisselen tussen Europese studenten journalistiek en jonge professionals. Ze promoten interactie, netwerking en ze voorzien leerzame lezingen en workshops, die handig toepasbaar zijn in de praktijk. Passie, vrijwilligerswerk en motivatie, dat zijn de sleutelwoorden.

Jaarlijks organiseert FEJS twee evenementen, in de herfst de General Assembly (GA) en in de lente het Annual Congress (AC), of het jaarlijkse congres. Tijdens het eerste evenement gaat het vooral over het beleid van de organisatie. Er wordt gepraat en gediscussieerd over dingen die moeten veranderen en over het organiseren van het congres. Iedereen die iets wil bijdragen, is welkom. Op het congres ligt de focus op het bijleren. Naast interessante lezingen, zijn er workshops die relevant zijn voor het journalistieke werk. Ganna Denysenko, een deelneemster uit Oekraïne, bevestigt dat: “Ik pas de dingen die ik in de workshops geleerd heb dagelijks toe in mijn job.”

De nadruk bij FEJS ligt toch vooral op het ontmoeten van nieuwe mensen van verschillende nationaliteiten. Ook op de GA van 2014 die in november plaatsvond in Finland, Vaasa, werden er verschillende landen vertegenwoordigt. Er waren studenten journalistiek en jong afgestudeerden uit Slovenië, Polen, Oekraïne, Litouwen, Spanje, Italië, Duitsland, Nederland en België. En dat is nog maar de GA, waar er enkel plaats is voor zo’n vijftig deelnemers. De AC, die dit jaar in Griekenland georganiseerd wordt, heeft plaats voor honderd mensen, dus worden er nog meer nationaliteiten vertegenwoordigd.

Netwerking, een centraal woord in het FEJS-verhaal, gebeurt automatisch. Iedereen is enthousiast en open-minded. Er ontstaan al snel vriendschappen en na een week intens samenleven, zijn er mooie banden gesmeed. Niet alleen kan je je vriendenkring uitbreiden, je leert heel veel over andere landen: de situatie in Oekraïne, het standpunt van Catalonië naar Spanje toe en zoveel meer. In het algemeen is de journalistiek in België neutraal, objectief en van goede kwaliteit, maar toch is het buitenlands nieuws niet altijd correct. Door de internationale contacten ontwikkel je betere inzichten en hoor je over gebeurtenissen via personen die er dagelijks mee te maken hebben. Een leuk gevolg van de vele contacten is dat je ook vele slaapplaatsen aangeboden krijgt in heel Europa, wat de droom is van elke journalist. Iedereen is bij iedereen welkom.

Journalisten onder journalisten, dat zorgt voor urenlange interessante en diepzinnige gesprekken. In de week van de GA is er veel gediscussieerd. Standpunten worden verbreed en situaties worden langs verschillende kanten bekeken. Er zijn zoveel verschillende meningen, zoveel verschillende culturen en zoveel verschillende persoonlijkheden, het kan niet anders of je gaat breder en kritischer denken.

FEJS is een organisatie die draait op vrijwilligerswerk. De organisatie werkt professioneel, maar is toch familiair en af en toe een beetje klunzig. Een aangename ‘chaos’. Zo willen ze het. Het moet geen afgelikt congres worden waar professionaliteit heerst en alles tot in de puntjes geregeld en getimed is. Er is vrijheid, er is rust en iedereen die deelneemt, beslist over de intensiteit van zijn participatie. Geen druk, het is een congres, maar het blijft een ontspannen aangelegenheid.

Romana Biljak Gerjevič, die dit jaar verkozen is tot lid van het bestuur, vat FEJS mooi samen in één zin: “FEJS is een breed netwerk van collega-journalisten en jonge, verstandige, kosmopolitische vrienden van over heel Europa, die allen houden van nieuwe dingen bijleren, van reizen en van denken en discussiëren over actuele politieke problematieken en de maatschappij waar we in leven.”

The FEJS-group @ Vaasa. (c) Lukas Rapp
The FEJS-group @ Vaasa.
(c) Lukas Rapp

Portret Deelneemster General Assembly

(c) E.H.
(c) E.H.
Naam: Ganna Denysenko
Woonplaats: Oekraïne, Dnepropetrovsk – 500km van Kiev.
Werk: Freelance journaliste bij een magazine over kunst.
Hobby’s: Yoga en Thaiboks.
Andere: Ganna zou graag een project opstarten om Europese journalisten te verwelkomen in Oekraïne zodat ze samen met Oekraïnse journalisten kunnen berichten over de conflictsituatie.

FEJS

“Ik heb FEJS leren kennen via Google, twee jaar geleden (2012). Samen met een ander meisje uit Oekraïne heb ik dan deelgenomen aan een evenement. Ik hou van FEJS omdat je zoveel mensen ontmoet en je samenkomt met journalisten van over heel Europa. Je leert bij over de situaties in verschillende landen en hebt zo ook de kans om interessante interviews af te nemen. De lezingen en workshops zijn erg leerrijk, op mijn werk pas ik veel dingen toe die ik tijdens workshops van FEJS heb geleerd.”

Oekraïne

“De situatie in Oekraïne is niet goed natuurlijk. Iedereen heeft ondertussen al iemand verloren in het conflict. Ook voor de economie is de situatie slecht. De waarde van ons geld is al met de helft verminderd. Het heeft ook mijn werksituatie veranderd. Zo werkte ik samen met een informatiebedrijf (MOZG) in Rusland, maar mijn verslaggeving over de situatie in Oekraïne kon niet gepubliceerd worden door de censuurwet die in Rusland geldt. Daardoor is die samenwerking stopgezet. Dat zou niet mogen gebeuren. Oekraïense en Russische journalisten zouden moeten kunnen samenwerken. Ik geloof dat wij journalisten de situatie in Oekraïne kunnen verbeteren. Wij zijn de stem van het volk. Dat was voor mij ook een reden om mijn project te starten (zie kader). Ik wil een internationaal netwerk creëren en op die manier de berichtgeving over de situatie ook in andere landen verbeteren.[1] Zowel in Oekraïne als in Rusland is er veel propaganda. Dat is erg jammer, want in Rusland ontstaat er zo veel agressie tegenover Oekraïne, omdat er fout ‘nieuws’ naar buiten wordt gebracht. Het conflict is op alle vlakken een spijtige gebeurtenis, want Rusland en Oekraïne liggen dicht tegen elkaar en zijn nauw verwant op historisch en cultureel vlak. Elke Oekraïner heeft wel een Rus in zijn familie en omgekeerd. De situatie maakt die relatie soms wel moeilijk. Het is erg jammer dat Oekraïne niet wordt bijgestaan door de Europese Unie (EU) en de Verenigde Staten (VS). Er is nochtans het Boedapestmemorandum van 1994 waarin de VS, het Verenigd Koninkrijk, Noord-Ierland en Rusland beloofd hebben Oekraïne te helpen bij een militaire inval[2]. Dat document wordt jammer genoeg niet nageleefd. Het conflict duurt al een jaar en Oekraïne staat er nog steeds alleen voor. De sancties die tegen Rusland zijn genomen hebben ook niet erg veel invloed. Ik ben niet voor sancties, maar voor agressieve landen zijn straffen nodig. Rusland heeft strengere sancties nodig. Ik begrijp dat dat moeilijk ligt omdat Rusland een grote macht is, maar het is belangrijk dat Rusland beseft dat haar daden gevolgen hebben. Het is belangrijk dat het conflict stopt. Dagelijks sterven er mensen. Het conflict moet niet op een militaire, maar op een diplomatische manier worden opgelost, door te communiceren. Hopelijk kunnen wij, journalisten, een belangrijk verschil maken.”

[1] De berichtgeving in andere landen is niet altijd even correct. Ook in België maakt de media fouten – dat bleek uit verschillende gesprekken over de situatie. Zo is er geen taalproblematiek, want in Oekraïne spreekt zo goed als iedereen perfect Russisch.
[2] Begin 1994 werd de internationale afspraak gemaakt, dat Oekraïne binnen drie jaar 1800 raketten voor vernietiging aan Rusland afdraagt. In het Boedapestmemorandum van 1994 werd vastgelegd dat het land in ruil voor de kernwapens een soevereiniteitsgarantie kreeg van de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Rusland. In ruil voor het ontmantelen van alle nucleaire wapens zou Oekraïne ook bij een inval van een mogendheid militaire hulp krijgen.

Journalistiek, propaganda en mediaoperaties

(c) Lukas Rapp
(c) Lukas Rapp

Elli Flén, momenteel communicatieadviseur, gaf in Vaasa een interessante lezing voor jonge journalisten (in wording). Een paar dingen kwamen duidelijk naar boven tijdens haar gepassioneerde voordracht. Ten eerste: niets is wat het lijkt. Ten tweede, een quote van S.F. Crozier: “There can be few professions more ready to misunderstand each other than journalists and soldiers.[1]Ten derde: lieg nooit. Een interview met een duizendpoot over niet zo alledaagse situaties.

“Het doel van internationaal crisismanagement is om de vrede te bewaren. Mijn job als ‘peacekeeper’, was om mensen te overtuigen dat ik hen geen kwaad wou doen. Propaganda heeft door de geschiedenis een slechte naam gekregen, maar dan was het belangrijk. Het gaat om positieve propaganda. In conflictsituaties maakt het niet uit wat de waarheid is als de mensen het zo niet zien of begrijpen. Zo ben ik beschoten, gewoon omdat er misverstanden bestonden. Men dacht bijvoorbeeld eens dat we met zonnebrillen door kleren van vrouwen konden kijken, waardoor ze ons kwaad wegjoegen. Het is belangrijk dat de mensen dingen op de juiste manier gaan begrijpen.”

“Ik moest er voor zorgen dat mensen elkaar niet zouden vermoorden. In een crisissituatie is het belangrijk dat je neutraal bent, maar dat wil niet zeggen dat je geen kant mag kiezen. Neutraal zijn in een politieke kwestie is niet gelijk aan niets doen. Je moet beide kanten juist behandelen, ze bij fouten evenredig bestraffen en naar beide kanten van het verhaal luisteren. Je kiest zelf welke ‘doos’ je niet opent. In het Kosovoconflict was dat de vraag of Kosovo onafhankelijk zou worden, of een provincie van Servië zou blijven. Daar gingen wij als crisismanagement niet op in. Wel openden wij de ‘doos’ dat er verkiezingen zouden moeten zijn, zonder een standpunt in te nemen tegenover de grote vraag.”

Persvrijheid

“Enkel de Westerse landen hebben persvrijheid, wat erg weinig is. In vele landen is het gevaarlijk een journalist te zijn. De dappere mensen in conflicten zijn meestal journalisten. Zij zijn ook de eersten die vermoord worden. Journalisten zijn erg gevaarlijk. Ze kunnen schrijven en berichten over hoe dingen zijn, hoe de situatie in elkaar zit en dat is een bedreiging. Omdat het zo gevaarlijk is, kennen de mensen in landen zonder persvrijheid vaak ook erg weinig van journalistiek. In minder ontwikkelde landen heb ik journalisten laten overkomen zodat ze de plaatselijke media dingen konden bijleren. Kosovo ligt dichter bij ons thuis, maar de wetgeving is daar nog erg jong. De journalistieke traditie is erg zwak. Er zijn er nog geen professionele journalisten.”

“De media mogen hun taak niet vergeten. Ze hebben erg veel macht en invloed. Journalisten moeten weten dat propaganda in de journalistiek erg gevaarlijk is. Een goed voorbeeld is een voetbalmatch tussen Albanië en Servië[2]. Het Servische nieuws zat vol propaganda (negatief tegenover Albanië), wat de mensen natuurlijk beïnvloedde. Door dat nieuws werden Servische mensen erg agressief tegen Albanese mensen.”

(c) Lukas Rapp
(c) Lukas Rapp

Woordvoerder

“De regel die ik mezelf opleg is dat ik niet zou werken voor een organisatie waar ik niet in geloofde. Ik wil zo goed als honderd procent achter de dingen staan die ik zeg in. Natuurlijk zijn er altijd details waarvan je vind dat die beter moeten kunnen, maar het gaat niet over jouw mening, het gaat om de organisatie. Als ik iets niet leuk vind, dan zeg ik tegen mezelf: ‘Ofwel stop je, of je vertegenwoordigt wat je betaald krijgt te vertegenwoordigen.’ Je mag nooit kritiek geven op de organisatie. Het is zwart-wit, of je vertegenwoordigt het geheel, of je doet het niet. Dat is erg moeilijk, want ook organisaties maken fouten.”

“Momenteel plan ik om in de politiek te gaan. Waarom ik de overschakeling van journalist, woordvoerder, crisismanager naar politiek maak kan ik zelf niet goed uitleggen. Ik denk dat mijn motivatie voortkomt uit het feit dat ik op vele plaatsen ben geweest waar de politiek de situatie verergerde. Ik hoop via de politiek toch het verschil te kunnen maken.”

Als je meer wil weten over Elli Flén kan je altijd haar site www.elliflen.com raadplegen.

[1] “Er zijn amper beroepen waar ze elkaar zo slecht verkeerd verstaan al journalisten en soldaten.”
[2] 14 oktober 2014 in Belgrado, een Europese kwalificatiematch.

“Wist-je-datje” uit Finland

In de toiletten in Finland kan je in het kleinste kamertje een douchekop vinden. Mij verbaasde het, maar na wat ‘research’ bleek het niet alleen typisch voor Finland te zijn, maar ook voor Aziatische landen, Brazilië en enkele Arabische landen. In het Engels bestaan er verschillende synoniemen voor die douchekop naast het toilet. ‘Bidet shower’, ‘bidet sprayer’, ‘health faucet’ en het grappige ‘bum gun’ zijn nog maar enkele voorbeelden. De sproeier wordt gebruikt om de anus en genitaliën af te spoelen na de ontlasting en het urineren. Het sproeiertje hangt in een houdertje – meestal – aan de rechterkant van het toilet en is met de lavabo verbonden. Je moet dan ook eerst de kraan openzetten voor je de sproeier kan gebruiken.

(c)  E.H.
(c) E.H.
(c) Elise Hermans
(c) Elise Hermans

Bronnen: Wikipedia en Rusland en Oekraïne

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s